Wat in de calculatie onduidelijk blijft, komt op de bouwplaats terug. Bij kathodische bescherming geldt dat sterker dan bij gewoon betonherstel, omdat een KB-systeem niet alleen materiaal is maar ook een prestatie die je jarenlang moet kunnen aantonen.
Deze pagina gaat over wat er hoort in de uitvraag die je opstelt, of je nu inschrijft, een bouwteam vormt of een prestatiecontract sluit.
De drie die de route bepalen
Leg deze drie altijd vast. Ze bepalen samen of het galvanisch wordt of opgedrukte stroom, en welk anodetype daarbij hoort.
1. De gewenste instandhoudingstermijn, in jaren. Niet “lang mee” maar een getal. Tot een jaar of tien is galvanisch eenvoudig en goed voorspelbaar. Van tien tot twintig jaar is opgedrukte stroom aan de orde, vaak met een geleidende coating. Boven de twintig jaar wordt titanium de verstandiger route.
2. De mate van aantoonbaarheid die je verlangt. Moet er periodiek een depolarisatiemeting liggen die voldoet aan de 100 mV uit NEN-EN-ISO 12696? Dan heb je een meetkring nodig en dus een systeem dat dat kan.
3. Of monitoring onderdeel van het contract is, en voor hoe lang. Dit is de post die het vaakst vergeten wordt en die de grootste invloed heeft op wat het systeem werkelijk oplevert.
Voorspanning: altijd apart vermelden
Voorspanning bepaalt de systeemkeuze niet. Galvanisch is er intrinsiek veilig, en opgedrukte stroom kan prima mits je meet.
Maar het bepaalt wél de eisen aan ontwerp en meetkring: extra referentie-elektroden bij de voorspanzone, en binnen de −900 mV ten opzichte van Ag/AgCl blijven. En het bepaalt vaak wat je níet doet, namelijk boren en frezen in een voorgespannen liggerkop.
Zet het daarom in een eigen regel in de uitvraag, niet verstopt in de constructiebeschrijving.
De zes gegevens waarop de anodekeuze rust
Zonder deze zes is elke systeemkeuze een aanname:
- Chloridegehalte met indringdiepte, uit boormonsters.
- Dekking en wapeningsligging, uit detectie.
- Wapeningsdichtheid en hoe sterk die varieert.
- Vochtbelasting, en of er lekkages zijn die eerst weg moeten.
- Aanwezigheid en positie van voorspanning.
- Bereikbaarheid en beschikbare opbouwhoogte.
Dat vooronderzoek is goedkoper dan een systeem dat achteraf niet past. Zie de anode volgt uit de constructie.
Eisen die in het bestek horen
Deze komen in vrijwel elk productblad terug en worden in bestekken het vaakst overgeslagen:
- Betonreparatiemateriaal moet geschikt zijn voor KB en een soortelijke weerstand hebben die typisch lager is dan 150 Ω·m. Neem dat als eis op, niet als aanbeveling.
- Continuïteit van de wapening controleren met een LCR-meter, en niet-doorverbonden staal alsnog verbinden.
- Minimaal twee kathodecontacten per te beschermen constructiedeel; bij galvanische systemen één verbinding per 50 m².
- Alle contacten na installatie doormeten, controleren en registreren.
- Inschakelen pas na uitharding. Bij booranodes een week; bij een coatingsysteem na een maand na installatie van het anodesysteem.
- Bij een geleidende coating minimaal vijf centimeter afstand houden tot stalen delen in het betonoppervlak, of zorgvuldig afplakken.
Materiaalstaat, levertijd en contactpersoon
Drie praktische dingen die het verschil maken tussen een soepele en een stroeve uitvoering.
Een complete materiaalstaat. Niet alleen anodes en voeding, maar ook kathodecontacten, stroomverdelerstrip, anodecontact, primaire anode bij een coating, de bijbehorende mortel, referentie-elektroden, depolarisatiesensoren en de bekabeling van de meetkring. Zie wat er verder in een KB-systeem zit.
Levertijd, vastgelegd vóór inschrijving. Anodemateriaal is specialistisch en niet elke maat ligt op de plank. Vraag de levertijd op bij de materiaalstaat, niet als de steiger al staat.
Eén contactpersoon die product, prijs en uitvoering begrijpt. Bij een detailvraag tijdens uitvoering wil je niet drie keer doorverbonden worden. Leg vast wie dat is, bij de leverancier en bij de opdrachtgever.
Voor de langere termijn
Bij een systeem dat twintig jaar of meer moet meegaan, hoort de beheerfase in het contract en niet erna.
Bij het liggerkoppenproject van Rijkswaterstaat is vastgelegd dat er twintig jaar lang minimaal één keer per jaar wordt geïnspecteerd. Dat is geen overdaad maar de reden dat het systeem het doet. Uit de Nederlandse praktijk blijkt namelijk dat bijna een derde van de KB-systemen niet werd onderhouden of gecontroleerd, en dan kan de corrosie opnieuw beginnen.
Leg daarom vast: wie meet, hoe vaak, wie beoordeelt, binnen welke termijn er wordt gereageerd, en wie toegang heeft tot de meetgegevens als de contractor wisselt. Zie monitoring op afstand.
Plan een technische intake met het CPS-team. Stuur de conceptuitvraag mee, dan lopen we hem door op de punten die in uitvoering pijn gaan doen.
Eerste KB-project? Begin bij wat je klaar wilt hebben vóór je belt.